De Telegraaf

Hester Scheurwater Renate Wennemars

Dalfsen – Tijdens mijn middelbare school periode bracht ik veel tijd door in de bus. Het was namelijk 20 kilometer reizen en dat deed ik alleen bij prachtig weer met de fiets. In de bus leerde ik Hester kennen.

Haar broertje was vrienden met mijn broertje, vandaar… Hester zat ook heel veel in de bus. Dan zochten we elkaar op. Ik ben altijd gek geweest op mensen die anders zijn dan de rest. Hester was anders. Hester wilde kunstenaar worden, maar eigenlijk was ze dat al. Hester was altijd met vanalles in de weer. Geen idee meer met wat. Ik was geen kunstenaar. Tenzij je de combinatie opengewerkte donkerblauwe panty/donkerblauw wollen rokje/twee poloos over elkaar/speld met grote fluwelen strik in haar kunst kunt noemen. Ik noem het kitsch. Maar Hester dus. Die zag er ook wel vreemd uit, maar dat kwam gewoon omdat ze soms haar eigen kleding maakte (en daar was ze nog niet echt supergoed in), haar nagels in een rare kleur lakte, zelf haar haarspelden maakte en ergens – diep verborgen onder al die kunstzinnigheid – ook wel een soort kakker was. Ze was onwijs lang, weet ik nog. Daarbij had ze een fascinerend gezicht met hoekige kaken en een kleine neus. Ik kan haar nog zó uittekenen.

Maar dat hoeft niet meer, want ik kan haar ook elke dag op Facebook opzoeken. Staat er steeds een verse foto op van d’r. Het zijn geen vakantiekiekjes die Hester maakt. Ze is kunstenaar. Hester maakt foto’s van zichzelf in poses die je pornografisch kunt noemen. Maar dan niet in haar blote kont. Op elke foto draagt ze een panty. Zo’n sexloos ding met een verdikt kruis. Hoe groot zo’n kruis is, realiseer ik me nu pas. Het kruis bedekt namelijk steevast dat deel van Hester dat het porno zou maken als je het zou zien. Je moet het voor de gein eens bekijken. Ongelofelijk in hoeveel bochten ze zich weet te wringen met zo’n ding aan. En heel leuk om bij sommige foto’s de concentratie op haar gezicht te zien. Ik denk dat dat komt omdat ze steeds heel erg haar best moet doen om te zorgen dat dat kruis wel op zijn plek blijft zitten.

Ik was Hester al bijna vergeten, totdat Erben me zaterdagmiddag vanuit de studio van Paul de Leeuw belde. Daar was hij te gast. In het programma zat ook ene Hester, die mij nog kende van vroeger. Volgens Erben had ze het ook over één of ander taaltje dat ik haar geleerd had. Ook dat was ik bijna vergeten: de pepertaal. Was ik heel goed in. Moet je overal ‘p’s tussen zetten tijdens het praten. Zo: hapallopo, hoepoe gaapaat hepet epermeepee? Anyway, ik ging natuurlijk meteen het internet op om haar op te zoeken.

Toen ik de foto’s zag, zat ik samen met een vriendin te kijken. Eerste dat we tegen elkaar zeiden: die heeft geen kinderen. Vreemd he. Dat was serieus het eerste dat we allebei dachten. Hester blijkt drie kinderen te hebben. Whow! Ik had haar het liefst meteen gebeld met vragen als: hoe leg je dat aan hen uit? Durf je op het schoolplein te komen? Kijken alle schoolpleinvaders nu ineens anders naar je? Word je herkend in de supermarkt? Heb ik niet gedaan. Wel ging ik even doorklikken. En belandde in een wereld die ik eigenlijk helemaal niet ken: die van de kunstenaars. Erben en ik weten aardig onze weg in de sport en de mediawereld, maar ik vond het heel leuk om te zien wat er nog meer allemaal is. Exposities, kunstprijzen, korte films, you name it. En in die wereld is Hester iemand van naam. En ik ben er toevallig ongelofelijk trots op dat ze is geworden wat ze altijd al was. En dat ik haar de pepertaal heb geleerd….

Hester Scheurwater